Karin Striekwold tijdens een les ontwerponderwijs op basisschool Het Startpunt

Revolutie in het onderwijs is noodzakelijk

Het primair onderwijs in Nederland is hopeloos ouderwets en de leermethodes zijn geestdodend, voor zowel leerlingen als leerkrachten. Rijtjes uit je hoofd leren, sommetjes maken uit een boek, het kan zo veel spannender en inspirerender, vindt projectleider Samen10+ en onderwijsonderzoeker Karin Striekwold. Met basisschoolleerlingen in de Schilderswijk en Transvaal experimenteerde ze al succesvol met interactief ontwerponderwijs. ‘Dit verdient elk kind in Nederland’.
Bron: AD Den Haag – Julia Broos 21-01-2017

We treffen Karin Striekwold op haar favoriete plek in hartje Schilderswijk: Het ontwerplokaal van basisschool Het Startpunt. In de tijd dat zij er directeur was, introduceerde ze hier, samen met experts, een revolutionaire onderwijsvorm. In plaats van passieve lesjes over wind, zwaartekracht en dna maken leerlingen hier zeilbootjes die ze zelf laten varen met hulp van een ventilator, balanceren ze zelfgemaakte poppetjes op een draad en nemen ze bij elkaar wangslijmvlies af om dna te isoleren. De kinderen zijn zo geconcentreerd bezig dat je bijna zou vergeten dat ze pas een jaartje of zeven zijn. ,,Elk kind is van nature nieuwsgierig, al lijkt dat soms niet zo’’, zegt Striekwold. ,,In reguliere lessen komt dat vaak niet zo naar boven, omdat die voor hen te saai, te passief zijn. Tijdens de ontwerplessen brengen we theoretische zaken dichtbij de belevingswereld van kinderen. Dat blijft hangen, ze vergeten zo echt nooit meer wat dna is.’’

 

U zegt eigenlijk dat het slecht is gesteld met het huidige basisonderwijs in Nederland?

,,Nou ja slecht…we doen het op internationale ranglijstjes gemiddeld best goed, maar dat zie ik vaak niet terug als ik een willekeurige school in bijvoorbeeld Den Haag binnenloop. Ik ben telkens weer geschokt hoeveel die arme leraren moeten doen, met zo weinig geld. Klassen met 30 leerlingen zijn eerder regel dan uitzondering en vaak zitten er ook nog kinderen tussen die extra hulp nodig hebben vanwege leerproblemen. Uit mijn recente onderzoek voor mijn masterscriptie blijkt onder meer dat kinderen behoefte hebben aan meer persoonlijke aandacht van de juf en meer onderwijs op maat willen. Dat is onmogelijk. Leerkrachten lopen nu al op hun tenen, klagen dat ze uitgeput zijn. En dan staan ze ook nog in lokalen waar je ‘s winters wegvriest en ‘s zomers staat te zweten. Als je kijkt naar hoeveel geld er gaat naar universiteiten en hogescholen is het basisonderwijs echt een ondergeschoven kindje. Daar hoor ik nooit een politicus over. Niemand ziet het, maar het begint een groot probleem te worden.’’

 

Op welke manier merkt u dat dan?

,,Bijvoorbeeld in de toenemende kansenongelijkheid. De onderwijsinspectie heeft daar onlangs nog een lijvig rapport over uitgebracht. Hoewel scholen in achterstandswijken het steeds beter doen qua Citoscores, nemen de verschillen met ‘witte’  kinderen nog steeds toe. Dat komt omdat hoopopgeleide ouders steeds meer doen met en voor hun kinderen. Ze krijgen betaalde bijles, maken educatieve uitstapjes en gaan op vakantie naar andere landen. Dat missen kinderen in achterstandswijken. Daarom is het ook zo ontzettend belangrijk dat juist zij goed onderwijs krijgen. Daarvoor heb je goede en meer leraren nodig, die de ruimte krijgen om te experimenteren met innovatieve onderwijsvormen.’’

 

In deze tijden van fikse bezuinigingen is meer uitgeven aan het basisonderwijs een impopulaire maatregel…

,,Dat begrijp ik, maar je moet het zo zien: Als je investeert in een goede basis dien je een groot maatschappelijk belang. De samenleving wordt veiliger, je krijgt minder jongeren die radicaliseren. Met de juiste aandacht bereik je dat kinderen zelf initiatief kunnen nemen, een moreel kompas ontwikkelen en voelen dat ze deel uitmaken van de samenleving.’’

 

Striekwold werkte jarenlang op diverse witte scholen als (kleuter)juf en later als leidinggevende, maar zo’n twintig jaar geleden ging ze bewust op zoek naar een baan als directeur op een zwarte school. ,,Ik was gefrustreerd. Op mijn oude scholen was amper geld beschikbaar voor de reguliere lessen, laat staan voor innovatie. Zwarte scholen krijgen tenminste nog wat, daar heb je de ruimte om te experimenteren.’’ Ze kwam terecht op Het Startpunt in de Schilderswijk, maar het bleek daar anders te gaan dan ze had verwacht. ,,Ik schrok van wat ik aantrof. De leerlingen werden bij elke stap aan het handje meegenomen. De focus lag toen op pamperen en niet op goed onderwijs geven. Het onderwijs miste elke vorm van uitdaging en ik miste in die tijd ook onderwijspassie bij veel leerkrachten.’’ Een bezoek aan de De La Reyschool in Den Haag, korte tijd later, veranderde Striekwolds leven, en dat van haar leerlingen voorgoed.

 

Wat maakte dan zo veel indruk op u?

,,Ik kwam daar binnen en dacht ‘wow, zo kan het ook!’ Kinderen zaten niet stil in een klas, maar waren allemaal bezig met hun eigen creatieve dingen. Zo was er een fotolab, waar ze zelf foto’s ontwikkelden. Die kinderen hadden zo veel lol, waren zo gemotiveerd. Ik heb meteen muziek – en kunstlessen op mijn eigen school geïntroduceerd en heb de directeur van het VanKinderenmuseum ingehuurd om hier ontwerplessen te geven. Het eerste waarmee ze kwam was een reizend kindermuseum, dat ze vanaf de grond opbouwde in de hal. Ze benoemde een van onze leerlingen tot directeur. Ik was eerst sceptisch, dacht dat onze kinderen dat niet zouden kunnen. Maar ik had het mis. Die jongen bloeide op, voelde zich voor het eerst trots op iets, omdat iemand hem die verantwoordelijkheid had gegeven. De volgende dag kwam hij als een ander mens op school.’’

 

Striekwold vindt dat interactief ontwerponderwijs uiteindelijk op alle scholen standaard moet worden aangeboden. Ze beseft echter dat zo’n revolutie tijd en geld kost. Ze haalde de directeuren van negen van tien scholen in de Schilderswijk en Transvaal alvast over om ermee te experimenteren in hun gezamenlijke zomerschool Samen10+. Was de zomerschool voorheen puur gericht op extra taal -en rekenlessen, nu programmeren kinderen er robots en ‘printen’ voedsel uit met de 3D-printer. ,,Het draait niet alleen om cognitieve kennis. Kinderen leren hier ook nieuwe, nuttige dingen en pikken die sneller op, omdat ze niet alleen met het hoofd, maar ook met hun hart en handen werken.’’

 

Vindt u dan dat dat we moeten stoppen met de reken -en taallessen voor deze kinderen?

,,Nee, deze leerlingen hebben op dat gebied grote achterstanden en daar moet aan gewerkt worden. Uit mijn onderzoek blijkt dat ze dat zelf ook willen, maar het gaat erom hoe je het aanbiedt. Passief uit een boek of maak je het interactief? Veel kinderen gaven aan boeken ‘maar saai’ te vinden. Ze hebben sterk de behoefte aan proefjes, dingen zelf ontdekken, en bv ipads. Met dat in het achterhoofd zou je taallessen anders kunnen vormgeven. Standaard leren ze nu woorden als boer, koe, stal en tractor, maar als je nog nooit op een boerderij bent geweest heeft dat geen enkele relevantie. Iets waarbij je je niets kunt voorstellen blijft niet hangen. Dus neem ze eerst mee naar een boerderij, ga koeien melken. Of biedt ze woorden aan waarbij ze zich wel een voorstelling kunnen maken.’’

 

Kebab en couscous in plaats van aap, noot, Mies?

,,Nou dat is helemaal niet gek.  Veel boeken zijn gedateerd, die kunnen best opgefrist worden met nieuwe termen.’’

 

Hoe weet u zo zeker dat uw ideale onderwijsvorm werkt? Presteren kinderen straks echt beter?

,,Ontwerponderwijs is nog relatief nieuw, dus er is nog niet veel onderzoek over bekend. Maar er is wel veel onderzoek gedaan naar de gevolgen van intrinsieke motivatie op resultaten van mensen. Dat verband is heel positief. En we zien het met eigen ogen in de zomerschool. Je ziet doorbraken bij kinderen, die je nooit voor mogelijk had gehouden. Voor het eerst beseffen ze dat een leven lang leren geen straf is, maar een cadeautje. Overigens merk ik ook dat leerkrachten hun passie voor het vak hierdoor weer terugkrijgen. In alle interviews voor mijn onderzoek merkte ik dat onderwijzend personeel vaak niet out of the box meer kan denken, vast zit in een bepaald patroon. Maar in de zomerschool zag ik ze opbloeien, omdat ze uitgedaagd werden een nieuwe invulling te geven aan lessen. Echt, ik zie energie bij mensen die ik heel lang niet meer gezien heb.’’

Karin Striekwold tijdens een les ontwerponderwijs op de Haagse basisschool Het Startpunt.